
Kees stapt mijn kantoor binnen, gaat in stilte zitten en ik bied hem koffie aan. Na een paar zinnen zegt hij, zonder omwegen:
Het is een zin die mij meerdere keren per jaar wordt toevertrouwd. Soms zakelijk, soms privé. En iedere keer voel ik: dit gaat over meer dan alleen die woorden.
Want niemand spreekt zo’n zin zomaar uit. Daar gaat vaak een langere periode aan vooraf. Een periode van doorgaan, dragen, zorgen, oplossen, aanpassen en volhouden. Een periode waarin je blijft functioneren, terwijl je ergens onderweg steeds minder goed bent gaan voelen hoe het werkelijk met je gaat.
Op het moment dat iemand zegt ‘ik ben niet gelukkig’, is de definitie van geluk eigenlijk niet het belangrijkste. Dan gaat het niet om theorie of om snelle antwoorden. Dan gaat het om de mens die tegenover je zit. Om wat er meespeelt. Om wat al langer onder de oppervlakte aanwezig is.
Vaak volgt er daarna een verhaal. Over werk. Over medewerkers. Over klanten. Over druk, verwachtingen en verantwoordelijkheden. Maar net zo goed over gezondheid, relaties, kinderen, verlies, eenzaamheid of het gevoel al heel lang veel te dragen.
Juist daarom vraagt deze uitspraak niet om een standaardaanpak. Ze vraagt om vertraging. Om aandacht. Om de bereidheid om verder te kijken dan alleen de eerste laag.
Meestal groeit het langzaam. Bijna ongemerkt.
Je went aan druk.
Je went aan spanning.
Je went aan weinig rust.
Je went aan verantwoordelijkheid.
Je went zelfs aan vermoeidheid.
Totdat wat ooit een signaal was, normaal is geworden.
En daar zit precies het risico. Want wanneer ben je het contact met jezelf kwijtgeraakt? Wanneer ben je opgehouden met werkelijk voelen hoe het met je gaat? Wanneer ben je vooral gaan leven op wilskracht?
Voor mannen én vrouwen kan dat er anders uitzien, maar de kern is vaak hetzelfde: te lang doorgaan en te weinig echt luisteren.
Tegelijk zie ik ook hoe vrouwen op hun eigen manier overvraagd kunnen raken. Zeker vrouwen die ondernemer zijn, professional, vakspecialist, manager of werkgever, en daarnaast thuis ook veel rollen vervullen. Zorg, planning, verantwoordelijkheid, emotionele beschikbaarheid, schakelen, dragen, doorgaan.
Veel vrouwen zijn daar ontzettend sterk in. Maar juist daarin schuilt ook een valkuil: dat overleven zo gewoon wordt, dat het bijna niet meer opvalt hoeveel het kost.
Jaren geleden lag ik op de SEH. Ik was midden veertig en mijn lichamelijke klachten wezen op hartproblemen. Het was ernstig genoeg om mij twee nachten in het ziekenhuis te houden, tussen kerst en oud en nieuw.
Niet bepaald de periode waarin je verwacht in een ziekenhuisbed te liggen, omringd door monitoren, piepjes en onzekerheid.
Op de derde dag kwam de cardioloog opnieuw langs. Een ervaren specialist, een man van weinig woorden. Hij ging op de rand van mijn bed zitten en stelde mij een vraag die ik nooit meer ben vergeten:
‘Wat gaat je zó aan het hart dat het nodig was dat je hier een paar dagen kwam logeren?’
De fysieke oorzaken waren uitgesloten. Medisch gezien was er geen directe verklaring. Maar hij keek verder dan de uitslagen. Verder dan de symptomen. Verder dan de buitenkant.
Hij vroeg eigenlijk:
wat is er nu écht aan de hand?
In die periode was ik al drie jaar weduwe. Ik was alleenstaande ouder. En als ik heel eerlijk ben, was ik vooral aan het overleven in plaats van aan het leven.
Van buitenaf kan iemand sterk, functionerend en in controle lijken. Maar vanbinnen kan er intussen veel vastlopen.
Dat is precies waarom lichamelijke signalen serieus genomen mogen worden. Ze ontstaan niet altijd ineens. Vaak zijn ze het gevolg van een langere periode van spanning, verlies, verantwoordelijkheid, rouw, overbelasting of structureel over je grenzen heen gaan.
Vaak begint het subtiel.
Slechter slapen.
Een korter lontje.
Minder plezier.
Moe wakker worden.
Geen echte rust meer voelen.
Gejaagdheid.
Spanning in je lijf.
Hoofdpijn.
Minder geduld.
Minder ruimte.
Dat zijn de oranje vlaggen.
Daarna kunnen de rode vlaggen volgen: druk op de borst, paniekgevoelens, emotionele uitbarstingen, uitputting, geen overzicht meer hebben of alleen nog functioneren in plaats van leven.
Een pilletje hier. Een tabletje daar. Iets tegen de hoofdpijn. Iets om te slapen. Iets om de scherpe randjes eraf te halen. En morgen weer verder.
Agenda open.
Schouders eronder.
Niet zeuren.
Gewoon doorgaan.
Voor ondernemers, vakspecialisten, professionals, eigenaren en managers is dat vaak herkenbaar. Zakelijk én privé. Want wat je draagt op je werk, neem je mee naar huis. En wat thuis speelt, neem je mee naar je werk.
Wilskracht heeft grenzen
Als je lang genoeg doorgaat op pure wilskracht en te weinig luistert naar je lichaam, kan het veel verder gaan dan een waarschuwing.
In mijn geval was het gelukkig een signaal. Een duidelijke waarschuwing. Maar soms gaat het dieper. Dan raakt iemand echt opgebrand, overspannen of lichamelijk uitgeput. Dan zegt het lichaam niet meer zachtjes dat het genoeg is geweest, maar heel duidelijk.
En het lastige is: het begint zelden groot. Meestal begint het klein. Zo klein dat je het kunt bagatelliseren. Dat je denkt dat het tijdelijk is. Dat het straks wel rustiger wordt. Dat het na deze periode beter gaat.
Alleen wordt het vaak niet vanzelf beter. Niet zolang je op dezelfde manier blijft doorgaan.
De vraag is dan niet alleen:
ben ik gelukkig?
De diepere vraag is vaak:
luister ik nog wel naar mezelf?
Voel ik nog wat ik nodig heb?
Merk ik nog wanneer iets te veel wordt?
Sta ik mezelf toe om eerlijk te zijn over wat er vanbinnen speelt?
Of leef ik vooral op gewoonte, wilskracht en verantwoordelijkheid?
Veel mensen wachten lang met die eerlijkheid. Uit loyaliteit. Uit angst. Uit verantwoordelijkheidsgevoel. Of omdat stilvallen ook betekent dat je onder ogen moet zien wat er werkelijk speelt.
En toch begint beweging vaak precies daar.
Niet pas wanneer alles instort, maar op het moment dat je eerlijk durft te erkennen:
zo wil ik niet verder
dit klopt niet meer
er is iets dat aandacht vraagt
Misschien is ‘ik ben niet gelukkig’ daarom niet alleen een pijnlijke zin. Misschien is het ook een belangrijke zin.
Een eerste opening.
Een eerste barst in het verhaal van doorgaan.
Een eerste stap richting luisteren.
Want soms is het niet je hoofd dat als eerste weet dat er iets moet veranderen.
Soms wist je lichaam het allang.
Herken je jezelf in dit verhaal en wil je daar eens rustig over sparren? Dan ben je welkom om contact met mij op te nemen.
* In een volgende blog ga ik verder in op wat er vaak onder deze woorden schuilgaat: oude pijn, afleiding, demping en de vraag wat er nodig is om werkelijk in beweging te komen.

Gecertificeerde Wandelcoach Opleiding® CRKBO. Inclusief Opleiding tot Register Wandelcoach® afgerond van Het Coach Bureau.
Ik ben als wandelcoach opgenomen in het abituriënregister van het CPION, het Centrum Post Initieel Onderwijs Nederland.
